kerkblad-Jaarboekje
Bestand downloaden: Jaarboekje.doc
Auteur(s):
Hebt u hem al ontvangen? Dit jaar is hij groen en heeft hij meer bladzijden dan vorig jaar!
Voor alle duidelijkheid, ik heb het over het jaarboekje 2010-2011.
Het lijkt misschien onzin dat een diaken schrijft over zoiets gewoons als een jaarboekje.
Maar, hoe vreemd het ook klinkt het jaarboekje is wel degelijk diaconaal.
Want het jaarboekje geeft ons de mogelijkheid om naar elkaar om te zien!
Hebt u zo ons jaarboekje wel eens gebruikt? Het boekje bevat uw en mijn huiswerk!!
Want probeer maar eens te begrijpen wat er in onze gemeente allemaal nodig is. En wat er door zusters en broeders in uw gemeente gedaan wordt!
Kijk maar eens op bladzijde 3 t/m 6; daar zien we een stukje statistiek, maar ben ik me bewust, wat er gedaan had kunnen worden? Ik vraag me bij deze informatie af; heb ik de vertrokken personen gekend? Heb ik de nieuwe broeder en zuster verwelkomd? Heb ik mensen gefeliciteerd bij heugelijke dagen en gecondoleerd op droevige dagen? We zijn van xx leden teruggegaan naar xx in één jaar. Dat is één rij minder vol in onze kerkgebouw! Bid ik genoeg voor onze kerkelijke gemeente?
En dan de pagina’s 6 t/m 19; durf ik een overhoring aan over alle commissies en activiteiten in en rond onze gemeente? Die activiteiten bevatten veel vergadertijd, maar tegelijk is het bezig zijn voor anderen! Spreek ik met genoeg waardering over deze inzet? Ben ik beschikbaar als er open plaatsen vallen? Als ik hulp nodig heb, weet ik de juiste adressen te vinden?
Pagina 20 t/m 22 geven een overzicht van de wijkindeling. Dit is heel ander huiswerk! Daar worden mijn naasten van dichtbij genoemd! Het zijn de adressen waar we bekend mee dienen te zijn! Iedereen kent de wijkbroeder of wijkzuster die ziek of eenzaam is. Laat ik daar meer zien dan alleen mijn neus? Want ik word later aangesproken of ik mijn broer of zus niet in de kou heb laten staan! We zijn toch bekend met de opdracht van liefde voor onze naasten. En kan ik opnoemen wie de eigen wijkouderling, -diaken en -zuster is? Want dat zijn de personen die benaderd kunnen worden als ik niet in staat bent om te helpen, te ondersteunen, te onderwijzen en als het nodig is: hulp voor mijzelf te vragen. Want het zou zo moeten zijn als in 2 Petrus 1 vanaf vers 2, waar de inzet van onze krachten gecombineerd wordt met kennis en liefde voor God en onze broeder en zuster.
Ons jaarboekje is een praktisch middel in het omzien naar elkaar. Het ledenregister is niet alleen bedoeld voor de telefoonnummers van onze vrienden, maar vooral voor het onderlinge verband. Wie kan helpen met oppassen, wie kan ik/mij meenemen naar een kerkelijke vergadering. En al voorbeeld weet ik de verjaardagen in mijn wijk, zodat ik niemand vergeet te feliciteren? Want door onderlinge aandacht kunnen we iedereen bij ons kerkelijk gezin een plekje geven. Als familie (broers en zussen) weten we en laten we weten dat we erbij horen.
Het jaarboekje is net als ons kerkblad een middel voor een diaconale gemeente. Als broers en zussen hebben wij op 4 punten antwoord gegeven toen we belijdenis deden. En ik durf te beweren dat zonder een goed gebruik van deze middelen ik mijn huiswerk voor de laatste 2 punten niet goed kan uitvoeren. Kortom aan de slag met het huiswerk!
<naam>
terug
Auteur(s):
Hoe vreemd het misschien ook klinkt het jaarboekje is diaconaal. Want het jaarboekje geeft ons de mogelijkheid om naar elkaar om te zien!
Hebt u hem al ontvangen? Dit jaar is hij groen en heeft hij meer bladzijden dan vorig jaar!
Voor alle duidelijkheid, ik heb het over het jaarboekje 2010-2011.
Het lijkt misschien onzin dat een diaken schrijft over zoiets gewoons als een jaarboekje.
Maar, hoe vreemd het ook klinkt het jaarboekje is wel degelijk diaconaal.
Want het jaarboekje geeft ons de mogelijkheid om naar elkaar om te zien!
Hebt u zo ons jaarboekje wel eens gebruikt? Het boekje bevat uw en mijn huiswerk!!
Want probeer maar eens te begrijpen wat er in onze gemeente allemaal nodig is. En wat er door zusters en broeders in uw gemeente gedaan wordt!
Kijk maar eens op bladzijde 3 t/m 6; daar zien we een stukje statistiek, maar ben ik me bewust, wat er gedaan had kunnen worden? Ik vraag me bij deze informatie af; heb ik de vertrokken personen gekend? Heb ik de nieuwe broeder en zuster verwelkomd? Heb ik mensen gefeliciteerd bij heugelijke dagen en gecondoleerd op droevige dagen? We zijn van xx leden teruggegaan naar xx in één jaar. Dat is één rij minder vol in onze kerkgebouw! Bid ik genoeg voor onze kerkelijke gemeente?
En dan de pagina’s 6 t/m 19; durf ik een overhoring aan over alle commissies en activiteiten in en rond onze gemeente? Die activiteiten bevatten veel vergadertijd, maar tegelijk is het bezig zijn voor anderen! Spreek ik met genoeg waardering over deze inzet? Ben ik beschikbaar als er open plaatsen vallen? Als ik hulp nodig heb, weet ik de juiste adressen te vinden?
Pagina 20 t/m 22 geven een overzicht van de wijkindeling. Dit is heel ander huiswerk! Daar worden mijn naasten van dichtbij genoemd! Het zijn de adressen waar we bekend mee dienen te zijn! Iedereen kent de wijkbroeder of wijkzuster die ziek of eenzaam is. Laat ik daar meer zien dan alleen mijn neus? Want ik word later aangesproken of ik mijn broer of zus niet in de kou heb laten staan! We zijn toch bekend met de opdracht van liefde voor onze naasten. En kan ik opnoemen wie de eigen wijkouderling, -diaken en -zuster is? Want dat zijn de personen die benaderd kunnen worden als ik niet in staat bent om te helpen, te ondersteunen, te onderwijzen en als het nodig is: hulp voor mijzelf te vragen. Want het zou zo moeten zijn als in 2 Petrus 1 vanaf vers 2, waar de inzet van onze krachten gecombineerd wordt met kennis en liefde voor God en onze broeder en zuster.
Ons jaarboekje is een praktisch middel in het omzien naar elkaar. Het ledenregister is niet alleen bedoeld voor de telefoonnummers van onze vrienden, maar vooral voor het onderlinge verband. Wie kan helpen met oppassen, wie kan ik/mij meenemen naar een kerkelijke vergadering. En al voorbeeld weet ik de verjaardagen in mijn wijk, zodat ik niemand vergeet te feliciteren? Want door onderlinge aandacht kunnen we iedereen bij ons kerkelijk gezin een plekje geven. Als familie (broers en zussen) weten we en laten we weten dat we erbij horen.
Het jaarboekje is net als ons kerkblad een middel voor een diaconale gemeente. Als broers en zussen hebben wij op 4 punten antwoord gegeven toen we belijdenis deden. En ik durf te beweren dat zonder een goed gebruik van deze middelen ik mijn huiswerk voor de laatste 2 punten niet goed kan uitvoeren. Kortom aan de slag met het huiswerk!
<naam>
terug
