Armoede in Nederland (2008)

Download(s): Armoede in Nederland (2008)

Een compacte versie van het armoede onderzoek dat is uitgevoerd in 2008 (door Kerk in Actie).

Begin 2008 is onder een aantal kerkverbanden een onderzoek verricht naar de rol van kerken m.b.t. armoede in Nederland. Dit als vervolg op het onderzoeken dat meerdere keren binnen de PKN is gehouden naar dit onderwerp. Nu een verbreding. In dit document een samenvatting van de opvallendste punten en aanbevelingen uit het onderzoek. Hierin is die informatie geselecteerd die voor diaconieën GKv van belang zou kunnen zijn.

Samenvatting van de resultaten uit het onderzoek Armoede:

Groepen die in de knel komen:
  • Alleenstaande ouders met kinderen (53,3%)
  • Mensen zonder betaald werk (44,0%)
  • Asielzoekers (41,8)
  • Ouderen (enkel AOW of klein pensioen) (39,1%)
  • Mensen met psychische problemen (28,2)
  • Gezinnen met 1 inkomen (13,7%)
  • Mensen met onvolledige AOW (13,0%)
  • Mensen met parttime baan (4,5%)
*deze situaties zullen vaak in combinatie voorkomen


Problemen die veel voorkomen:
  • Schuldenproblematiek 41,4%)
  • Langdurig laag inkomen (36,8%)
  • Onvoorziene uitgaven / financiële tegenslag (16,5%)
  • Onbekend met regelgeving (16,3%)
  • Wachttijden bij uitkering (14,9%)
  • Vastlopen in bureaucratie (14,8%)
  • Net buiten regelingen vallen (13,7%)
  • Ingewikkelde formulieren (13,4%)
  • Angst of schaamte voor instantie of … (12,5%)
  • Structureel hoge uitgaven (10,5%)
  • Hoge vaste lasten (10,3%)
  • Problemen met flexwerken (1,2%)
Ga eens na welke in je eigen gemeente/wijk voorkomen. Hoe ga je er mee om?

Drempels voor hulp / Problemen die mensen tegenkomen:

  • Bureaucratie en ingewikkelde regels
  • Sociaal minimum ontoereikend
  • Geld van overheid blijft onbenut, wegens (ontoegankelijke) regels
Er worden 7 aanbevelingen gedaan aan diaconieen. Deze aanbevelingen worden hieronder verkort weergegeven.
  1. Plaatselijke kerken stimuleren om armoede in Nederland hoog op de eigen agenda te houden en op die van de lokale samenleving.
  2. Onderzoek of het verlenen van individuele materiele hulpverlening leidt tot verbetering in de armoede situatie. Per situatie, maar ook in het totaal. Dus ook welke preventieve maatregelen zijn nodig en door wie?
  3. Plaatselijke kerken moeten vaker aan overheden en instanties (en politiek) doorgeven wat ze tegenkomen in de hulp aan mensen in de knel, en meedenken in oplossingen om verbeteringen in beleid en uitvoering aan te brengen.
  4. In verband met zowel het overzicht en beleid binnen (samenwerkende) kerken, als de signalering naar overheden en instanties, is betere (geanonimiseerde) registratie gewenst.
  5. zowel kerken als gemeenten / instanties in kleinere kernen moeten actiever de noden in de eigen samenleving opsporen.
  6. het vrijstellen van speciale diakenen of andere vrijwilligers moet verder worden gestimuleerd.
  7. rond hulpverlening bij armoede hebben kerken in de vorm van hun vrijwilligers een creatief en kundig netwerk, dat op verschillende manieren ingezet kan worden bij manieren van hulp geven. Door de onderlinge diversiteit in aanpak kunnen de kerkelijke organisaties veel van elkaar leren.
Er is een compacte versie te downloaden. Alle diaconieën wordt geadviseerd om kennis te nemen van deze versie van het rapport, omdat het probleem van armoede op veel manieren raakvlakken heeft met andere problematiek. Denk aan eenzaamheid, spanning in relaties, ontwikkeling van kinderen, gezondheidsklachten e.d. Dus voor iedere diaken een must om kennis van te hebben en alert op te zijn!


terug